vrijdag 26 mei 2017
 
Meedoen?
Meedoen?

Wil jij onze slangen een handje helpen? Dat kan natuurlijk door je aan te sluiten bij een bestaande werkgroep of door er zelf een op te richten. Neem in dat laatste geval contact op met RAVON, Annemarie van Diepenbeek (email).

Een werkgroep is één manier van meedoen aan het beschermen en in kaart brengen van slangen, maar iemand kan ook individueel zijn steentje bijdragen, bijvoorbeeld door via het verspreidingsonderzoek of door een monitoring route voor een of meer soorten voor zijn rekening te nemen. Via de links hieronder kun je lezen over de manier waarop dat kan.

Verspreidingsonderzoek

Om slangen te kunnen beschermen is het nodig om te weten waar deze voorkomen. Door mee te doen met verspreidingsonderzoek lever je een bijdrage aan de verspreidingskennis en dus bescherming. Nadere informatie en ondersteuning is te krijgen via RAVON (Reptielen Amfibieën Vissen Onderzoek Nederland. Via de RAVON site over het verspreidingsonderzoek kun je je opgegeven om in een bepaald gebied naar slangen te gaan zoeken. Hoewel de verspreiding van slangen in Nederland behoorlijk goed bekend is zijn er altijd verrassingen: zo duikt de geheimzinnige gladde slang jaarlijks op plekken waar we hem voorheen nog niet van kenden; en de zwervende ringslang kan men ver buiten de bekende vindplaatsen tegenkomen.

Montitoren

Om er achter te komen hoe slangen het momenteel doen in Nederland worden zij gemonitoord: een vast traject (een route door goed slangenleefgebied) wordt 7x per jaar onder geschikte weersomstandigheden afgespeurd naar slangen. Door dit jaar in jaar uit te doen op honderden plekken in Nederland krijgen we inzicht in de populatieontwikkeling van onze slangen: gaat een soort voor- of achteruit of is de trend gelijkblijvend? Zo kun je het buiten zijn en genieten van de natuur combineren met een werkelijke bijdrage leveren aan de bescherming van inheemse reptielen. Wil je meedoen aan dit onderzoek, neem dan contact op met RAVON: coordinator van het Meetnet Reptielen is: Ingo Janssen (email).

Hoe, wanneer en op welke plek zoek je om je vindkansen te verhogen?

De Veluwe, leefgebied van 6 soorten reptielen! Foto Jelger HerderMeer informatie over veldmethodieken is te vinden in: Het waarnemen van amfibieën en reptielen. Samen met het bijbehorende herkenningsgidsje “Herkenning amfibieën en reptielen” geeft deze beknopte maar zeer bruikbare veldgids alle noodzakelijke informatie om zelf succesvol slangen en andere reptielen in het veld te vinden en op soort te herkennen.

Eenmaal een werkgroep opgericht? Maak het leuk!

Een vrijwilliger van een ringslangen werkgroep helpt mee met het maken van een broeihoop voor ringslangen - Foto Jelger HerderMaak het behalve nuttig ook leuk voor jezelf en alle vrijwilligers die meewerken, zodat iedereen gemotiveerd blijft. Belangrijk is een jaaragenda of vaste werkdag, zodat iedereen op de hoogte is van de activiteiten. Een simpele digitale nieuwsbrief of een e-mailcirkel kan ook heel bruikbaar zijn, om elkaar te informeren.

Het is voor veel vrijwilligers leuk en stimulerend om eens de media bij activiteiten op bezoek te krijgen, andere groepen uit de regio een excursie aan te bieden of B&W te vragen de werkzaamheden eens te komen bekijken. Goede contacten met de gemeente kunnen erg waardevol zijn! Veel groepen zoeken verdieping en nodigen soort- of beheerexperts uit voor een lezing, cursus of excursie of gaan op bezoek bij andere vrijwilligersgroepen. Zo zorg je in een jaar voor enkele belevenissen die het groepsgevoel versterken.

Een afsluitingsavond van het seizoen, al dan niet met lezing, barbecue of borrel, is een mooie manier om iedereen te bedanken, te enthousiasmeren en daarmee te binden. Wat ook goed werkt, is om het -vooral in de winter- uitgevoerde beheer, in voorjaar of zomer te gaan bekijken. Het zien van een kleine ijsvogelvlinder in een eigenhandig beheerd hakhoutbosje, of een broedende oeverzwaluw in een afgestoken steilwand is immers de kers op de taart. Sommige groepen gaan een stap verder en monitoren nauwgezet de populatieontwikkeling van hun doelsoorten. Het is een enorme stimulans om die soorten te zien profiteren van het beheer. Sommige groepen doen precies het omgekeerde. De gladde slangenwerkgroep in de Kempen inventariseert en monitoort al enkele jaren met zo’n 25 man. Om in het saaie winterseizoen wat om handen te hebben en elkaar te ontmoeten, zijn ze afgelopen winter met kleinschalig heidebeheer begonnen. Volgens sommigen zelfs leuker dan het zoeken naar die bijna onvindbare gladderik!

Nederlandse soorten
Waarnemingen doorgeven

Klik hier om naar Telmee.nl te gaan om je waarnemingen door te geven!

Klik hier om je waarnemingen door te geven via Waarneming.nl

Gebruiksovereenkomst | Privacybeleid © PlumIT